Vrede, macht en gas: opnieuw over de invasie van Oekraïne

Signing of the Treaty of Versailles, John C. Johansen (1876–1964), Oil on canvas, 1919

De hoge gas- en energieprijzen zijn voor veel gezinnen en mensen een onvoorstelbaar groot probleem en het is niet onbegrijpelijk dat zij klagen dat er wel geld is voor wapens voor Oekraïne en niet om hun energiekosten te compenseren. Het is niet onbegrijpelijk, maar het is ook niet terecht. En er zijn betere manieren om de gasprijzen omlaag te krijgen dan door Oekraïne aan haar lot over te laten, manieren die een duurzame vrede naderbij brengen.

Energieprijzen

De hoge energieprijzen zijn een enorm probleem, zowel voor individuen als voor bedrijven die veel energie verbruiken, van bakkers tot zwembaden en van bouwbedrijven tot in de staal- of aluminiumindustrie. Als iedereen gecompenseerd wordt, betekent dat alleen per saldo een belastingverhoging, dus dat zie ik niet gebeuren. Hoe het dan wel moet? Ik ben blij dat ik het beleid niet hoef te maken. De dilemma’s hier zijn groot. Het doel moet zijn om de oorzaken van die hoge energieprijzen zo snel mogelijk weg te nemen en daarvoor is het belangrijk eerst goed naar die oorzaken te kijken.

Er zijn verschillende oorzaken voor de hoge energieprijzen en het is niet mogelijk om die allemaal langs te gaan. Maar er zijn een aantal oorzaken die elk samenhangen met de oorlog in Oekraïne. In de eerste plaats zorgt de oorlog in Oekraïne voor veel onzekerheid over de toekomstige gas- en olietoevoer, waardoor landen en bedrijven juist nu gaan hamsteren. Begrijpelijk, maar het levert vanzelfsprekend wel hogere prijzen op. Daar staat tegenover dat dit hamsteren kan zorgen voor lagere prijzen in de winter, met name van gas, als blijkt dat de toevoer minder geremd wordt dan gedacht.

De andere grote oorzaak voor de hogere gasprijzen is de manier waarop het Poetinregime de gastoevoer politiseert (zie ook Steve Rosenbergs bloemlezing van Russische kranten over dit onderwerp). Dat deed Poetin al bij de landen die ooit onder de plak zaten van de Sovjet-Unie, maar tijdens deze oorlog doet hij dat meer dan ooit bij heel Europa. Poetins Rusland voert een doelbewust beleid om Europese steun aan Oekraïne te ondermijnen en de energiepolitiek speelt daarin een grote rol. Wanneer wij nu toegeven aan zijn chantage en Oekraïne in de kou laten staan (of zelfs de schuld geven), zal zijn inzet van energie als wapen niet afnemen maar toenemen. Poetin zal dan niet stoppen met chanteren voordat het Westen hem expliciet toestemming geeft om heel Oekraïne te veroveren.

De gedachte dat het Rusland van Poetin een normaal land is waarmee men verdragen kan sluiten en waarvan men redelijkheid en billijkheid kan verwachten, is inmiddels voldoende ondergraven. Rusland is de laatste imperialistische macht van Europa en zonder begrenzingen zal het imperium zich uiteindelijk tot aan de Noordzee uitstrekken. Wanneer Oekraïne gevallen is, is Georgië aan de beurt en dan elk volgend land dat zich aan de grijpgrage klauwen van Rusland wil onttrekken. Daar komt nog bij dat de kosten voor (militaire en niet-militaire) steun aan Oekraïne relatief laag zijn: geen van de landen die Oekraïne steunt heeft meer dan een procent van het Bruto Binnenlands Product aan Oekraïne gegeven (Nederland maar 0,18 procent, bilateraal en EU-deel van steun bij elkaar opgeteld), ook een beperking van de steun aan Oekraïne zal hooguit een marginale compensatie van de energieprijzen kunnen opleveren.

Zolang Rusland niet verslagen is, blijft de onzekerheid over gas en olie groot en kan Poetin naar hartenlust aan de gaskraan draaien om zijn eigen politieke doelen te bereiken, net zoals hij dat ook met voedsel doet (deel 2). Een Rusland dat verslagen en failliet is, zoals vermoedelijk aan het einde van deze oorlog in Oekraïne, heeft echter alle belang bij een gestage stroom aan inkomsten uit gas en olie, al was het maar om een revolutie van een ontevreden bevolking (die ook al lijdt onder forse inflatie) te voorkomen. Naast dat dat de productie zal opstuwen en zo de prijzen zal drukken, is Rusland ook afhankelijk van Westerse technologie en bedrijven om die productie te vergroten, wat ons onderhandelingsruimte biedt én de kans biedt voor een herstel van relaties. Maar daarvoor moet Rusland dus eerst verslagen worden.

Wel geslagen, niet down

De strijd tussen Rusland en Oekraïne wordt wel voorgesteld als een strijd tussen Goliath en David, waarbij het kleine Oekraïne het grote Rusland bestrijdt en met onverwacht veel succes. Het is duidelijk dat Rusland bij de Oekraïense herinvasie uit is gegaan van veel te optimistische scenario’s en dat die vroege beslissingsfout Oekraïne de kans hebben gegeven de eerste forse klap uit te delen. Het is ook duidelijk dat de Westerse wapensystemen in Oekraïne geen ‘paarlen voor de zwijnen’ zijn, maar met veel effectiviteit ingezet worden tegen de Russische invasiemacht, zodanig dat deze in feite al sinds juni stilligt, hoewel er hier en daar kleine beetjes gebied van handen gewisseld hebben. Een bewijs dat die wapens helpen, is wel dat Rusland dreigt met kernoorlog als we er niet mee stoppen, hoewel die dreigementen loos zijn.

Analisten die de krachtsverhoudingen tussen Rusland en Oekraïne voorafgaand aan deze invasie inschatten, zouden verbaasd geweest zijn om te horen dat er in deze fase van de oorlog en met deze relatief beperkte veroveringen door Rusland al sprake is van een patstelling. Voor de kleine David is een machtsevenwicht tegenover Goliath Rusland al een niet-geringe prestatie en daar moeten we niet overheen kijken. En in de regio Cherson zou de machtsbalans zelfs weleens over kunnen hellen ten gunste van Oekraïne, hoewel ‘the fog of war’ in die regio behoorlijk dik is.

De grote vraag is of Oekraïne met de huidige steun in staat is om Rusland in heel Oekraïne te verslaan. Dat antwoord is niet gemakkelijk te geven en is afhankelijk van heel veel factoren. Sowieso is het nodig dat de steun aan Oekraïne doorgaat, zowel militair als financieel. Die lijkt stil te vallen en dat is voor ons allen een groot gevaar. Een Oekraïne dat economisch instort kan zich niet langer effectief verdedigen tegen Rusland en is ook na de oorlog langere tijd kwetsbaar. Ook is het afhankelijk van Russische keuzes: komt er een algehele mobilisatie? Heeft Rusland in het geval van een algehele mobilisatie voldoende wapens, tanks en andere voertuigen om die gemobiliseerde eenheden effectief in te zetten? Maakt Rusland andere strategische keuzes om de zwaarbelaste logistiek te ontlasten? En hebben we echt al het beste van de Russische luchtmacht gezien? Hoe dan ook lijkt het Russische overwicht voor nu verdwenen, maar ligt een snelle Oekraïense overwinning zeker niet in de lijn der verwachting.

Ondanks dat Rusland relatief gezien steeds meer verouderde wapens en voertuigen in de strijd verliest, vermoedelijk vanwege een steeds grotere inzet van deze wapens en voertuigen die duidt op een groeiend gebrek aan modernere wapens en voertuigen, blijft Rusland een militaire macht waar rekening mee gehouden moet worden. En waar Rusland een gebrek krijgt aan moderne wapens, zo kampt Oekraïne met grote personeelstekorten.

Op weg naar overwinning

Er zijn wel stappen die het Westen kan zetten om een Oekraïense overwinning en een daarbij behorende duurzame vrede naderbij te brengen. Vooral Europa kan hiermee aan de slag. Dit zoek ik niet zozeer bij een verhoogde levering van wapens, zoals het nu is worden de beperkte wapen- en munitievoorraden van de Europese legers al fors belast. Wel kan Europa langdurige financiële steun aan Oekraïne garanderen en dat is hard nodig ook.

Directe militaire inmenging vanuit NAVO-landen in de verdediging van Oekraïne is uitgesloten, geen enkel NAVO-land durft dat op zichzelf aan en NAVO als geheel zal dit sterk ontmoedigen. Zelf heb ik daar ook grote bezwaren tegen. Ik zie wel een andere mogelijkheid en het verbaast me dat ik die nog niet besproken heb gezien, vermoedelijk ook omdat er serieuze risico’s aan verbonden zijn en het gezien wordt als een forse escalatie. Die mogelijkheid is het sturen van een vredesmacht langs de grenzen van Belarus en van Moldavië.

Sinds de Russische terugtrekking in het noorden is de grens tussen Belarus en Oekraïne stabiel, al wordt Belarus nog wel gebruikt om kruisraketten op doelen in west-Oekraïne af te vuren. Dreiging gaat er nog altijd wel van Russische en Belarussische militairen in Belarus uit. Ook de Russische militairen in de Moldavische regio Transnistrië blijven een bedreiging vormen, waardoor Oekraïne militairen moet inzetten om die dreigingen het hoofd te bieden en die militairen dus niet aan het front kan gebruiken.

Een vredesmacht, bijvoorbeeld onder NAVO-vlag, kan voorkomen dat de oorlog escaleert tot een oorlog op meerdere fronten. Want hoewel deze vredesmacht niet onder het welbekende Artikel 5 valt, houdt Rusland er belang bij om geen direct conflict met NAVO-landen uit te lokken. Ook zal de luchtverdediging die deze vredesmacht noodzakelijkerwijs meeneemt de westelijke kant van Oekraïne meer beschermen tegen raketaanvallen. Omdat er geen actief conflict aan de gang is in deze regio’s kunnen de NAVO-landen met recht aanvoeren dat deze vredesmacht er niet gericht is om een bepaalde partij in het conflict te laten winnen, maar bedoeld om burgers in die specifieke regio’s te beschermen tegen een mogelijk conflict.

Natuurlijk is het onvermijdelijk dat Oekraïne ook van deze vredesmacht profiteert. Wanneer de noordgrens en de zuidwestgrens van Oekraïne beschermd zijn, kan Oekraïne de daar gelegerde troepen (of een deel daarvan) inzetten waar ze het hardste nodig zijn, aan het front bijvoorbeeld. Dat gaat niet om grote aantallen waarmee direct het verschil gemaakt kan worden, het gaat ook niet om Oekraïense specialisten, maar het is waarschijnlijk dat die beperkte groep troepen wel een verschil kan maken bij verbeterde logistiek in aanloop naar een offensief.

Hoe meer Oekraïne erin slaagt om Rusland te verzwakken, of dit nu is door het vernietigen van wapendepots en logistieke hubs of door het terugveroveren van grondgebied, beide zijn cruciaal, hoe meer Rusland een algehele terugtrekking uit Oekraïne zal overwegen. Dat is een voorwaarde voor vrede en daarmee voor een terugkeer naar normale politieke en economische verhoudingen met Rusland. Overigens is het voor beide niet afdoende voorwaarde.

Na de overwinning, maar voor de vrede

Wanneer Rusland zich uiteindelijk teruggetrokken heeft uit Oekraïne, dat lijkt me inmiddels onvermijdelijk, komt het moeilijkste deel. De fouten die gemaakt zijn bij de Vrede van Versailles (afbeelding), waarbij de Geallieerden mede-overwinnaar Frankrijk achterlieten zonder reële veiligheidsgaranties tegen het toen militair al snel superieure Duitsland, mogen niet herhaald worden. We willen niet over twintig jaar opnieuw in een Russische invasie verzeild raken.

De eerste veiligheidsgarantie is een zaak tussen Oekraïne en de EU en Oekraïne en de NAVO. Het is onwaarschijnlijk dat Oekraïne direct tot deze beide bondgenootschappen kan toetreden, maar duidelijk is dat er stappen naar beide gezet moeten worden en dat er daarnaast concrete garanties worden gegeven op het gebied van veiligheid. Hoe deze precies vorm krijgen, is een zaak van de diplomaten, maar het is nodig dat het ijzer gesmeed wordt terwijl het heet is.

Een andere veiligheidsgarantie moet zitten in herstelbetalingen. Uiteindelijk moet Rusland de enorme schade die het aangericht heeft in Oekraïne terugbetalen, linksom of rechtsom. Oekraïne is de primaire onderhandelaar met Rusland wanneer vredesbesprekingen beginnen en als Westerse landen kunnen wij geen vrede aan Oekraïne opdringen. Zonder een overeenkomst over herstelbetalingen moet economische en politieke normalisatie met Rusland uitblijven.

Stel dat Rusland zich terugtrekt uit Oekraïne zonder een vredesovereenkomst te tekenen, dan is een mogelijkheid om die herstelbetalingen op te dringen door deze in de gasprijs te verwerken. In zo’n geval zou Rusland bijvoorbeeld voor een miljoen dollar aan gas leveren, hiervoor negenhonderdduizend dollar ontvangen, terwijl honderdduizend dollar gaat naar een fonds voor herstel van Oekraïne. Rusland zal niet zomaar toestemmen met deze constructie, maar zonder herstel van andere economische relaties is Rusland zeer afhankelijk van de gasinkomsten en zo wel gedwongen gas te blijven leveren.

Het streven moet zijn naar een duurzame vrede op basis van een vredesverdrag en niet naar constructies zoals hierboven beschreven. Wanneer Rusland niet bereid of in staat is om herstelbetalingen te doen in contanten, is een denkbare constructie dat herstelbetalingen in natura voldaan worden. Er zijn landen die grenzen aan Rusland die belangen hebben in bepaalde regio’s van Rusland, bijvoorbeeld Japan, zij zouden delen van Russisch grondgebied kunnen overnemen voor een financiële compensatie die dan naar Oekraïne zou gaan. Of Russische eigendommen buiten Rusland zouden in een dergelijke constructie over kunnen gaan naar overheden die ze weer veilen. Elke constructie en variant heeft voor en tegens, maar het principe dat de ‘vervuiler betaalt’ moet ook in het internationaal verkeer overeind blijven staan.

Sancties gericht op de politiek verantwoordelijken voor deze invasie of op hun rechtsopvolgers en sancties gericht op het militair-industrieel complex worden wat mij betreft pas afgebouwd wanneer een vredesverdrag is getekend en relevante stappen zijn gezet in de uitvoering ervan. Onder deze voorwaarden is duidelijk dat het overtreden van internationale rechtsregels met kosten gepaard gaat (al begrijp ik de kritiek dat de Amerikaanse overtreding van internationale rechtsregels in Irak grotendeels zonder consequenties is gebleven. Regels die voor Rusland gelden, moeten dat ook voor de VS doen).

Terug naar het gas

Het is waar dat Europa de afgelopen acht jaar te afhankelijk is gebleven van Russisch gas. Het was in 2014 duidelijk wat voor soort regime dat van Poetin is en dat onze afhankelijkheid ervan ons politiek en strategisch kwetsbaar maakt. Deze Europese afhankelijkheid van Rusland heeft bij Poetin en zijn kliek het geloof doen rijzen dat een invasie van Oekraïne zou leiden tot slechts kortdurende sancties, dat na een snel succes tegenover het zwakke Oekraïne de status quo gauw weer terug zou keren. Dat was een misvatting.

De grootste misvatting van het poetinisme was dat Oekraïne zwak was, maar die valt te vergeven. De meeste mensen dachten dat Oekraïne zwak was, inclusief veel betere analisten dan ik. Dankzij de verrassende kracht van Oekraïne kocht het Westen tijd om in actie te komen tegen de Russische invasie, actie waar steeds nieuwe mogelijkheden voor gevonden worden. Ook kochten we daarmee tijd om tot een veel betere analyse te komen van onze kwetsbaarheid dan daarvoor, een analyse die niet alleen doorgedrongen is tot de specialisten, die hiervan al zeer bewust waren, maar ook de bij bestuurders. En die analyse is in de kern simpel: Een succesvol imperialistisch Rusland is voor ons veel duurder dan een verslagen Rusland.

Natuurlijk moet onze inzet voor een verminderde afhankelijkheid van gas en andere energiebronnen uit Rusland blijven, ook na een duurzame vrede. Niet alleen uit geopolitieke overwegingen, maar ook vanwege het klimaat en om onze energiebronnen te diversifiëren. Maar helemaal zonder gas, olie en kolen zullen we, naar ik vrees, nooit kunnen en hoe dan ook duurt het jaren voordat we echt onafhankelijk zijn van Rusland.

Willen we duurzaam lagere energieprijzen, en niet alleen in oktober en november, dan is het nodig om Poetins Rusland te verslaan en toe te werken naar een duurzame vrede. Dat zal de rust in de markt terugbrengen, door toenemend vertrouwen zal van hamsteren minder sprake zijn, en kunnen de prijzen omlaag. Voor deze winter zal dat geen respijt geven, vermoedelijk zelfs voor heel 2023 niet. Ik wil niet ongefundeerd optimistisch zijn.


0 reacties op “Vrede, macht en gas: opnieuw over de invasie van Oekraïne”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.